Y, pero y también
Leer drie handige woorden
Werk zelfstandig en in stilte. Je leert en, maar en ook in het Spaans gebruiken. Bekijk de voorbeelden en oefen stap voor stap. Je mag de hulp steeds gebruiken.
9 korte vragen · ongeveer 5–10 minuten
- Lees eerst de drie voorbeelden hieronder. De voorbeelden blijven zichtbaar. Onderaan kun je ook Hulp: grammaticaoverzicht openen.
- Kies een antwoord of typ zelf. Klik op Controleer.
- Fout? Lees de tip en probeer opnieuw. Goed? Lees de uitleg.
Dit is begeleid oefenen, geen toets. Fouten helpen je leren. Je kunt lastige vragen opnieuw oefenen.
Goed gewerkt!
Klaar? Schrijf drie korte voorbeelden
Schrijf een zin met y, een zin met pero en twee korte zinnen waarin je también gebruikt. Gebruik woorden die je al kent. Je mag de voorbeelden aanpassen.
Controleer de betekenis: y = en, pero = maar, también = ook. Lees je tekst nog eens rustig na.
Blijf rustig werken. Volg de volgende stap in de lesbrief of wacht op de docent.
Hulp: grammaticaoverzicht
Hulp en voorbeelden
y = en · Je verbindt informatie.
Me llamo Ana y tengo doce años.
Ik heet Ana en ik ben twaalf jaar.
pero = maar · Je geeft een tegenstelling aan.
Tengo un gato, pero no tengo un perro.
Ik heb een kat, maar ik heb geen hond.
también = ook · Iets geldt ook voor iemand anders.
Ana tiene un gato. Yo también tengo un gato.
Ana heeft een kat. Ik heb ook een kat.
In deze oefening mag je tambien zonder accent schrijven.